Het verhaal van de Oberdämpfer

Opeens stond hij daar, in een hoek van het clubhuis: de Berliner Lubitzer uit 1931.
Een valse-noten-kabinet met 88 stuks doorleefd ivoor van bijna een eeuw oud. Ooit bespeeld in een Rotterdams etablissement van onbekend allooi. Gesierd met kringen van te volle glazen op de wortelnotenhouten behuizing. Achtergelaten door liefhebbers die hun affectie deelden met de pianist. Niet zelden zochten zij daarbij, enigszins wankel, steun tegen de wangstukken van deze verweerde Oberdämpfer. Want zo’n type is hij: een bovendemper. Een oud pianoras waarvan de dempers dicht op de snaren liggen. Daardoor blijft iedere aangeslagen toon nog even in de ruimte hangen, alsof hij weigert afscheid te nemen.
De bijgeleverde geloofsbrieven van deze Grijze Eminentie uit 1931 bieden weliswaar uitsluitsel over de Rotterdamsche komaf, maar geven geen inzicht in zijn bestaan sindsdien. Behalve dan de vrije val in economische waarde, van 350 gulden naar 10 euro in 95 jaar. Ook wordt nergens vermeld welke liederen hij heeft begeleid, noch hoeveel vreugde en verdriet tussen zijn snaren hebben weerklonken. Hoe dan ook, het klavier is in een onbezonnen moment door een onzer notabelen uit ‘de kringloop’ weggenomen, voor een prix d’amis zodat de penningmeester deze zonder ruggespraak aan de clubinventaris kon toevoegen. Want deze muzikale verstekeling heeft een zeer bescheiden financiële restwaarde, die pas zal stijgen wanneer hij een zoveelste leven krijgt aangemeten. Niet als zwijgend decorstuk, maar door, als trouwe hofmuzikant, mooie clubmomenten te begeleiden. De pianostemmer heeft de snaren en dempers inmiddels weer enigszins op klank gebracht. Dus als de Lubitzer toetsenfabriek straks muzikale ondersteuning verleent bij de viering van grootse verrichtingen, dan heeft hij alsnog het doel bereikt waarvoor hij bijna een eeuw geleden werd gebouwd: mensen samenbrengen. Laten we dit ouwetje daarom beschouwen als een nieuw clublid dat altijd bereid is om een vrolijke noot toe te voegen.
Zijn wens lijkt eenvoudig: open mijn klep, streel en bespeel me zo vaak als kan, maar niet vals.

Ook een oude lijst, opgedoken in de kelder van het clubhuis, kreeg een nieuw leven. Samen met een koperen tekstplaatje onder vier foto’s van de seizoenen op Old Course Loenen vormt het een subtiele knipoog van de piano naar de De Vier Jaargetijden van Antonio Vivaldi. “Net als in het Rijksmuseum… en klaar is Kees”, aldus de dames van de nieuwe Clubhuiscommissie: Pien Schipper, Renée de Kuijper en Dorine Hoogendam. En daarmee werd weer een fraai detail aan het clubhuis toegevoegd. Het maakt nieuwsgierig naar nog meer clubhuis-update-kriebels van het trio, want die hebben ze!

